Een bv kan een forse vordering hebben op haar dga, terwijl terugbetaling feitelijk niet meer haalbaar is. De Belastingdienst kan dan stellen dat de bv door niets te doen haar rechten “prijsgeeft” en dat dit neerkomt op een winstuitdeling. In deze zaak draaide alles om de vraag: is stilzitten al genoeg voor prijsgeven?
Samenvatting
Nee. Het hof oordeelt dat stilzitten lening dga prijsgeven op zichzelf nog geen prijsgeven is. Voor prijsgeven is doorgaans een formele handeling nodig waardoor de vordering juridisch tenietgaat, zoals kwijtschelding of liquidatie. Wel kan een nieuwe toename van de rekening-courantschuld direct als winstuitdeling kwalificeren als op dat moment vaststaat dat de dga niet kan of zal aflossen.
Feiten: lening en rekening-courant bij de dga
De dga leent in de loop der jaren aanzienlijke bedragen van zijn bv, onder meer voor:
aankoop van een woning in Nederland;
aankoop van een woning in Spanje;
beleggingen in effecten.
Daarnaast loopt ook een rekening-courantschuld op. Eind 2014 bedraagt de totale schuld ruim € 2,3 miljoen. De winstreserves van de bv zijn circa € 2 miljoen.
Uit correspondentie met de Belastingdienst blijkt dat aflossing problematisch is. De waarde van de effecten is gedaald, de Nederlandse woning is verkocht zonder dat de opbrengst is gebruikt voor aflossing en de dga emigreert in 2014 naar Spanje. De inspecteur legt navorderingsaanslagen op over 2012 en 2014.
Standpunt inspecteur: stilzitten is onzakelijk en dus winstuitdeling
De inspecteur stelt dat de bv haar rechten als schuldeiser feitelijk heeft prijsgegeven door geen actie te ondernemen om de vordering te innen, terwijl een onafhankelijke derde dat volgens hem wel zou doen. Dit “onzakelijke stilzitten” zou daarom een winstuitdeling vormen.
Verweer dga: zonder kwijtschelding geen prijsgeven
De dga kiest voor een formeel-juridische lijn: pas als de vordering juridisch tenietgaat (bijvoorbeeld door kwijtschelding of liquidatie) is sprake van prijsgeven. Alleen stilzitten is daarvoor onvoldoende. De rechtbank vernietigt de navorderingsaanslagen, waarna de inspecteur in hoger beroep gaat.
Oordeel hof: stilzitten is niet hetzelfde als prijsgeven
Het hof verwijst naar een arrest van de Hoge Raad van 13 januari 2023: een lening kan na verstrekking alsnog een onttrekking vormen als de bv haar rechten als schuldeiser prijsgeeft.
Maar: uit eerdere rechtspraak leidt het hof af dat het enkele stilzitten onvoldoende is om te spreken van prijsgeven. Van prijsgeven is pas sprake als de vordering in formeel-juridische zin tenietgaat, zoals door:
kwijtschelding, of
liquidatie.
In deze zaak heeft de bv geen actieve handelingen verricht waaruit formeel prijsgeven blijkt. Daardoor vormt de totale schuld geen winstuitdeling op basis van “prijsgeven”.
Belangrijk nuancepunt: het hof oordeelt wél dat de jaarlijkse toename van de rekening-courantschuld in 2012 en 2014 een winstuitdeling vormt. Op het moment van bijschrijving stond immers vast dat de dga die bedragen niet kon of zou aflossen.
Praktische les: wanneer loop je wél risico op winstuitdeling?
De kern is: stilzitten lening dga prijsgeven is niet automatisch een uitdeling. Maar het risico ontstaat vooral bij nieuwe opnames.
Let vooral op deze twee punten:
Geen formeel einde vordering = niet snel prijsgeven. Zolang er geen kwijtschelding/liquidatie (of vergelijkbare formele handeling) is, is “prijsgeven” moeilijker hard te maken.
Nieuwe bijschrijvingen kunnen direct fout gaan. Als bij een nieuwe opname al duidelijk is dat aflossing onmogelijk of niet reëel is, kan die bijschrijving meteen als winstuitdeling worden gezien.
Dga’s met een oplopende schuld aan hun bv doen er verstandig aan om tijdig te toetsen of nieuwe opnames nog zakelijk zijn en om dit goed vast te leggen.
Bron
Gerechtshof ’s-Hertogenbosch | jurisprudentie | ECLI:NL:GHSHE:2025:3620 | 16-12-2025