Iedereen in Nederland die inkomen heeft uit een diensbetrekking, betaalt daar loonbelasting over. De werkgever of instantie die het loon verstrekt, houdt de zogenoemde loonheffing in en draagt deze periodiek af aan de Belastingdienst. De loonheffing bestaat uit één af te dragen bedrag dat is opgebouwd uit loonbelasting en premies volksverzekeringen. Premies volksverzekeringen moeten worden betaald voor de Algemene ouderdomswet (AOW), de Algemene nabestaandenwet (ANW) en de Algemene wet bijzondere ziektekosten (AWBZ). Mensen die in Nederland werken zijn in het algemeen verzekerd voor de volksverzekeringen en zijn daarom ook premies volksverzekeringen verschuldigd. Een uitzondering kan bijvoorbeeld van toepassing zijn in het geval van (tijdelijke) detachering.
Degene die de loonheffing moet inhouden wordt inhoudingsplichtige genoemd; dit is degene die aangifte doet bij de Belastingdienst. Degene op wiens loon of uitkering loonheffing wordt ingehouden wordt (fictief) werknemer genoemd.
De loonheffing is een voorheffing op de inkomstenbelasting. Dat voorkomt dat belastingplichtigen één keer per jaar een groot bedrag ineens moeten betalen aan inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen. De voorheffing wordt geheven op het moment dat men het inkomen ontvangt.
Belastingplichtigen
Werknemers moeten loonbelasting en premies volksverzekering betalen over hun loon of uitkering. De werkgever of de uitkeringsinstantie moet die loonheffing inhouden en afdragen. Ook bij artiesten en beroepssporters moet loonbelasting ingehouden worden, waarbij het niet uitmaakt of zij in dienstbetrekking zijn.
Indien er geen sprake is van een 'gewone' dienstbetrekking, kunnen de werkgever en de werknemer ervoor kiezen om de arbeidsverhouding voor de loonbelasting als een dienstbetrekking aan te merken. Zij moeten dit samen melden aan de Belastingdienst.